Digitaal schema

Orkhavnbanen wordt digitaal bestuurd. In de op de baan ingezette tractievoertuigen zijn zowel Selectrix- als DCC-decoders ingebouwd. Dankzij de Uhlenbrock Intellibox kunnen deze verschillende systemen door elkaar worden gebruikt. Decoders die naar het DCC-protocol ‘luisteren’ zijn tegenwoordig in de modelspoorwereld in de meerderheid, het Selectrix-systeem is veel minder populair. Toch hebben locs die met Selectrix decoders zijn uitgerust uitstekende rij-eigenschappen en zijn de decoders bovendien zeer gebruikersvriendelijk te programmeren, wat van DCC-decoders niet altijd gezegd kan worden.

Handmatige bediening
Handmatig worden de treinen op deze modelbaan bestuurd met de FRED rijregelaar, ook van Uhlenbrock. Aan de voorzijde van de modelbaan is er op drie plekken de mogelijkheid om de regelaar in te pluggen. Er kan dan met een trein worden ‘meegelopen’. Als de trein onderweg is, wordt de FRED losgekoppeld, de trein zelf rijdt met de ingestelde snelheid door, en verderop kan de regelaar worden aangesloten om de trein weer onder controle te krijgen.

Automatische treinenloop
Op modelspoorbeurzen staan is leuk. De hele dag een treintje heen en weer rijden voor de bezoekers gaat na een paar uur vervelen. Om dat te ondervangen kan bij tijd en wijle de automatische treinenloop worden ingeschakeld. Een of meerdere (als alles vlekkeloos verloopt...) treinen rijden dan via een ingestelde route het traject op en neer. Wij kozen voor het programma RailRoad & Co, wat bij ons draait op een verouderde, dus tweedehands goedkoop aangeschafte, PC laptop. Helaas zijn er voor de Apple geen soortgelijke programma’s te koop dus moesten we het doen met het afschuwelijke Windows.
De Intellibox van Uhlenbrock heeft een ingebouwde interface. Via een kabel kan dan de laptop met de digitale centrale (de IB in dit geval) verbonden worden. De computer moet natuurlijk wel weten waar een trein zich in een aantal blokken verdeeld. Op de tekening is te zien dat er op strategische plekken een blok is gemaakt door een stuk rails te isoleren van de rest van het traject. De blokken hoeven niet aan te sluiten, er zijn ook stukken waar geen treindetectie is. Het programma Railroad & Co wacht af met een volgende actie totdat een trein zich in een bepaald blok meldt. Wat daar tussenin gebeurt is niet van belang. Omdat de IB aan de achterzijde ook een s88-aansluiting heeft is er gebruik gemaakt van s88-bezetmelders. Wij kozen voor de RM-GB-8 van Littfinski DatenTechnik www.ldt-infocenter.com, een terugmelder met geïntegreerde railbezetmelders, voor 8 secties.
Zoals te zien is in het schema (klik hier voor het PDF-document) hadden we er 3 nodig, niet alle uitgangen werden gebruikt maar zo kwamen we een beetje logisch uit en hoefden we niet al te veel stekkerverbindingen te maken van de ene modulebak naar de andere.
De wisseldecoders zijn ook van LDT, art.nr. M-DEC, geschikt voor wisselmotoren. RR&Co moet namelijk ook de wissels omleggen als er een route voor een trein wordt ingesteld. Nu is het voor de handmatige bediening van het baantje niet erg handig om de wissels via de PC of de IB om te zetten. Beide apparaten staan nl. aan de achterzijde van de baan opgesteld en dus onbereikbaar voor de dienstdoende ‘machinist’. Aan de voorzijde van de baan zijn daarom twee schakelpaneeltjes gemaakt waarop met druktoetsjes de gewenste wissel kan worden bediend. Ook hier konden we weer handig gebruik maken van de s88-aansluiting. Alle schakelaars zijn aan een LTD RM-DEC-88 bezetmelder verbonden. In RR&Co is aangegeven welk adres bij welk schakelaartje hoort en hieraan zijn opdrachten verbonden. Druk je nu op het schakelpaneel een knopin dan 'weet' de PC dat hij de daaraan gekoppelde wisseldecoder moet activeren zodat het wissel wordt omgezet. Op het schakelpaneeltje zijn er knoppen voor het begin van een rijweg en de eindbestemming. Beide knoppen indrukken zorgt er dan voor dat alle wissels in voor die bepaalde rijweg achter elkaar (dus zonder de transformator te belasten met 4 wissels tegelijk, wat meestal niet gaat) in de juiste stand komen.

Een ander voordeel van het digitaal aansturen van de wissels blijkt wanneer alles in het programma RR&Co moet worden ingevoerd. Vroeger, in analoge tijden, had je te maken met een gigantische bos draadjes van de wissels naar het schakelpaneel. Hoe vaak kwam het dan niet voor dat je de boel per ongeluk verkeerd had gesoldeerd zodat een wissel precies andersom was aangesloten. Met één muisklik in RR&Co is dat probleem zeer snel verholpen.

De praktijk
Als RR&Co weet welke decoder-adressen de treinen, wissels en baanvakken hebben kan er vervolgens voor elke trein een te rijden route worden ingesteld. In vloeiende beweging rijdt motorwagen 12 vervolgens het station van Orkhavn uit, neemt de klim naar het hoger gelegen stationnetje Bøvo en remt daar af om tot op de centimeter nauwkeurig langs het perron te stoppen. Dan klinkt het geratel van de wisselmotoren en verschijnt even later motorwagen 11 vanuit het hoger gelegen schaduwstation om op spoor 2 van Bøvo binnen te lopen. Opnieuw worden de wissels omgelegd en motorwagen 12 vertrekt via de scherpe boog en de steile helling naar het schaduwstation en zodra het baanvak weer vrij is rijdt trein 11 richting Orkhavn. Dit patroon kan zich urenlang herhalen… in de praktijk gaat dit natuurlijk alleen thuis vlekkeloos. Tijdens exposities ontspoort motorwagen 11 steevast precies in een tunnel en gaat wissel 22 maar half om zodat de treinenloop volledig op z’n gat ligt.
Voorwaarde voor een computergestuurde modelbaan is een storingsvrije treinenloop. Met 2-rail H0e, korte treintjes met weinig stroomafnamepunten en een vooraf ingesteld slakkengangetje kortom zoals het er op Orkhavnbanen aan toe gaat bepaald geen sinecure. De mogelijkheden van RR&Co zijn bijna onbeperkt maar dat is toch meer iets voor een oerdegelijke 3-rail Märklin spoorbaan. Niks voor ons, maar dat hadden jullie al begrepen...

Toch is het een erg leuke ervaring geweest om de computergestuurde treinenloop onder de knie te krijgen. Rangeren met modeltreintjes is en blijft leuk (als je tenminste net als de auteur denkt dat dit een zinvolle besteding van je vrije tijd kan zijn... zucht....) maar na een uur heb je het wel gezien. De computer kan het 'treintjes-rijden' dan mooi overnemen, rustig rijdend, inclusief het zachtjes optrekken en afremmen wat nu eenmaal hoort bij een hedendaagse modelspoorbaan.

 



 

Voor de handmatige besturing van Orkhavnbanen gebruiken we de 'FRED' van Uhlenbrock.

 

 

 

 

Decoders en bezetmelders zijn op plankjes gemonteerd die normaal gesproken onder de modelbaan zijn bevestigd.

 

Met behulp van een laptop met daarop het programma Railroad & Co kan het treinverkeer automatisch worden afgewikkeld.

 

Schakelpaneeltjes horen bij een modelbaan maar steken vaak lelijk af tegen het modellandschap. Daarom deze poging om ze weg te werken.